Don’t trust my heart.
It’s untrustable.
I’m untrustable.
It’ll only play a game, this heart of mine.
Floep. Die kwam er ineens uit…
Waarvandaan? Ach, het is weer eens zover. Volgens mij heb ik de bron van mijn vriend-loosheid gevonden. Ik. That’s right. It’s all my own fault. Ook al zal ik er niets aan kunnen veranderen. Telkens neem ik me voor, dat het niet nog een keer gebeurt. Ik zal niet nog eens valse hoop geven. Telkens doe ik het toch weer.
Waarom? Het is niet dat ik het expres doe ofzo. Ik kan er niets aan doen, ik heb het niet door voor het te laat is. Ik ben gewoon mezelf. Ik maak grapjes, doe melig. En dan flap ik er wel eens wat dingen uit waar ik later spijt van krijg, omdat blijkt dat hij het niet als melig-doen opvatte. Dan niet gelijk de waarheid zeggen. Nee, tuurlijk niet! Eerst zijn gevoelens proberen te sparen, hopen dat het vanzelf overgaat. Nou, bij deze; dat gaat het niet! Hoe vaak heb ik dát nou al gezien? De waarheid, die moet ik gewoon niet uit het oog verliezen.
Wat ik nodig heb, is een jongen in de buurt. Een jongen die ik elke dag kan zien en die me snapt. Die me snapt vóór ik mezelf snap. Die snapt dat hij niet gelijk alles serieus moet nemen en die snapt dat ik lucht nodig heb. Die snapt dat ik lucht nodig heb én samen wil zijn, op hetzelfde moment. Bestaat zo’n jongen? Waarschijnlijk niet. Waarschijnlijk bestaat hij alleen in mijn hoofd.
Ik zou je zo een hele beschrijving van hem kunnen geven. Hij is perfect voor mij, maar ook de oorzaak dat ik waarschijnlijk de rest van mijn leven single blijf.
Tweede probleem. Moeder.
Of beter gezegd, moeder in love. Jaja, anders dan ik heeft mijn moeder géén moeite met relaties. Ze heeft – na een paar jaar- weer een geschikte kandidaad gevonden. En écht, ik ben blij voor haar. Hij is aardig, hij ziet er niet uit, maar hij ís aardig. En daar gaat het om, toch? Daarbij komt nog, dat hij er blijkbaar geen moeite mee heeft al zijn geld uit te geven voor mijn moeder.
We hebben besloten dat we deze vakantie niet weg zouden gaan – tot mijn GROTE spijt. Daarom heb ik nu een vakantiebaantje en ook nog mijn gewone baantje, wat betekent dat ik maximaal 3 dagen per week vrij heb. Jup, dat is mijn “vakantie”. Ik ben doodsbang dat ik volgend schooljaar uitgeput begin, waardoor ik geen puf meer heb om me te concentreren op mijn huiswerk, etc. Maar – okee, ik heb het geld nodig. Dus ik leg me erbij neer.
Mam’s nieuwste aanwinst daarintegen. Kwam met het idee om mijn moeder mee te nemen naar Engeland. Pff, tuurlijk. Maakt niet uit, we hadden een afspraak, ik ga er half aan onderdoor – *kuch*overdrijving*kuch* – maar verbreek hem maar hoor!
Komt ze naar me toe: “Vind je het niet erg? We hebben samen besloten niet op vakantie te gaan en nu ga ik toch. Als je het niet wilt, moet je het zeggen hoor!” Ja mam, tuurlijk. Ik ga zeggen dat je niet mag, zodat die gast me een egoïstisch kind vind en jij genoeg reden hebt om me voor de rest van het jaar verwijtend aan te kijken. Dat is gewoon omgekeerde psygologie! En ik voel me er zwaar kut door, want ik wil ook gewoon vakantie. Pfff. *zucht*
Okay, ik vind dat ik nu maar weer moet stoppen. Staks word ik nóg depresiefer. ¬¬
[/hartgestort]
xx